Roparun 2010: Een racereport van Team 026 Defensie Materieel Organisatie featuring Team FAST
Door: Esther Vermeulen
Foto's: Fred Verkuil en Edwin Rutgers foto's (Klik hier voor meer foto's)
Ongeveer een driekwart jaar geleden zag ik een advertentie in Materieel Gezien, het personeelsblad van Defensie Materieel Organisatie. Ze zochten lopers voor de Roparun, die traditioneel in het Pinksterweekend plaatsvindt. Al jaren denk ik na om mee te doen, maar telkens valt dit samen met de Malheur Raid XL. Dit jaar heeft de Malheur een ouder-kind karakter en bovendien is Inga in Ethiopie... Erg lang hoefde ik niet te twijfelen, dus ik meldde me aan bij mijn collega Menno.
Een klein maandje later hoorde ik dat ik mee mocht doen. Spannend! Samen met een team van 7 mede lopers, 4 fietsers, 6 chauffeurs, 3 masseurs, 3 cateringverzorgers en ook nog een captain-run gaan we de estaffette loop van Parijs naar Rotterdam doen. 520 kilometers, in 10 etappes. Ik zit in loopgroep 2, en wij krijgen de even etappes voor onze rekening. Elke etappe duurt ongeveer 50 kilometer en binnen de etappe loop je in estaffette telkens stukjes van 1 a 2 kilometer. Een hele andere belasting dan het adventure racen! Daar ben je volcontinue bezig, hier is dat anders. 4 uur op, 4 uur af. En binnen de 4 uur op: 10 minuten op, 30 minuten af. Spannend!
.jpg)
Vanaf december ligt de nadruk van mijn trainingen op lopen, lopen, lopen. Nu Inga weg is is mijn trainingsomvang drastisch gedaald, maar de loopomvang omhoog. Zo maakt elke maandag een 20 km standaard onderdeel van mijn programma. En dat gaat goed en lekker tot ongeveer een 1.5 maand voor de start! Ineens schiet de kramp in mijn kuit en die gaat er niet meer uit. SHIT. Kan ik wel mee doen? Tot een 5 dagen voor de start blijft het spannend. 3 keer per week bezoek ik fysio en sportmasseur. Die hebben me geweldig geholpen, want op de maandag voor de start blijkt dat ik mee kan doen! Pffff... En nu maar hopen dat de kuit zich ook daadwerkelijk gaat houden!
Op zaterdag is het dan eindelijk zover. Op onze route naar Parijs komen we al veel concullegas tegen. Iedereen goed herkenbaar aan de grote stickers op de auto’s. Veel getoeter en gezwaai. Aankomst op La Bourget te Parijs, zonnetje schijnt. Men eet wat, drinkt wat, luiert wat. De laatste details van de eerste etappe worden bekeken, de fietsers bevestigen de laatste items op de fiets.
En dan is het tijd! Loopgroep 1 mag beginnen, wij zwaaien ze uit en vertrekken vervolgens naar ons beginpunt (en hun eindpunt). Dat wachten is wel lastig... je popelt om te beginnen!
.jpg)
En vanaf onze start is het vervolgens een lange aaneenrijging van indrukken. Ik mag starten met lopen, in het donker. Langzaam maar zeker krijg je een gevoel voor de afstand van 2 kilometer en het ritme komt er lekker in. Al snel krijg ik een ‘blik op oneindig’ instelling en ik ben amper bezig met de afstand tot de wissels. Dat is wel fijn, want met een vrije geest is het prettig lopen. De fietsers Fred en Wouter zorgen ervoor dat je de goede kant op blijft gaan en vormen, ook al praat je weinig met elkaar, een continue steun en toeverlaat.
Ons team blijkt krachtig, positief, motiverend en snel. Onze loopgroep blijft tot het eind sterk en goed geluimd. Elke keer weer als de bus, waarin de overige drie lopers zitten, de dan rennende loper passeert, is het een gejoel. Ineens krijg ik tranen in mijn ogen, wat bijzonder dit te mogen meemaken! Bijzonder omdat je normaal als loper een vrij eenzaam bestaan hebt. Tuurlijk, ook met adventure racen zit je in een team, waardoor je samen werkt, lacht en huilt. Maar de omvang van dit team is zoveel groter: 24 mensen, met allemaal 1 doel: zorgen dat de lopers zo snel en prettig mogelijk de afstand van Parijs naar Rotterdam mogen volbrengen. Deze tranen zijn voor mij, ik hou ze lekker bij me, en lach intussen naar de mensen in de bus: David, Edwin, Menno, Sonja, Alex en Wendy.
Maar er zouden nog meer tranen van geluk volgen. Hoe dichter we in de buurt komen van Rotterdam, hoe uitbundiger de ontvangsten in de dorpen zijn. Echt ongelofelijk, dit moet je meegemaakt hebben, om volledig de waarde ervan te schatten. In de dorpen en steden staan duizenden mensen langs de weg. Deze mensen zijn supporters omdat ze toevallig langs de weg wonen of mensen kennen in een van de 275 teams. Maar ook zijn hiertussen mensen die tot de doelgroep van de Roparun behoren. Mensen die kanker hebben (gehad) en door de Stichting Roparun hun kwaliteit van leven hebben kunnen verbeteren. Doordat ze bijvoorbeeld tijdens de chemo hoofdhuidkoelers gebruikten, waardoor hun haar niet of in mindere mate uitvalt.
.jpg)
Al die duizenden mensen klappen je toe, lachen je toe en roepen woorden als “het lopen ziet er nog goed uit! kom op, het is niet ver meer!”. Dan voel je je ineens heel klein worden, dankbaar dat je dit voor je medemens mag doen. Dit gebeurt in de laatste 5 uur van de 40 uur die we bezig zijn. De emoties zijn dan niet meer zo goed beheersbaar en wederom stromen de tranen over mijn wangen. Even vecht ik ertegen, dan besluit ik ze lekker te laten gaan en ze te laten stromen. Barendrecht, bedankt!
De laatste 5 kilometer sluiten alle teamleden zich bij ons aan: loopgroep 1, de chauffeurs, de masseurs, de cateringverzorgers. Deze laatste meters lopen we met z’n allen, de DMO-vlag voorop, naar de finish. Moeheid lijkt weg (tegen beter weten in), euforie stijgt. De ontvangst op de Coolsingel is hartverwarmend en dan daalt de moeheid in. De adrenaline en endorfine lijkt mijn lijf te hebben verlaten... Als ik mijn ouders en Brent vertel aan de telefoon hoe het is gegaan, merk ik dat het warrig is en ik zie donkere vlekken voor mijn ogen... heerlijk slapen en dromen over elke meter die we gelopen hebben...